Hoeveel vermogen mag je belastingvrij hebben in 2026?

Je hebt jarenlang netjes gespaard. Niet omdat je een plan had, maar omdat het zo ging: elke maand bleef er iets over en dat liet je staan.

En dan komt de aangifte. Ineens kijkt de Belastingdienst mee met wat er op je rekening staat, en vraag je je af hoeveel vermogen je belastingvrij mag hebben voordat je erover moet afrekenen.

Er is een bedrag. Maar dat bedrag vertelt maar de helft van het verhaal.

Waar de grens in 2026 ligt

Het bedrag dat je zoekt heet het heffingsvrij vermogen. Dat is het deel van je bezittingen in box 3 waarover je geen belasting betaalt.

Voor belastingjaar 2026 ligt dat bedrag op € 59.357 per persoon. Heb je een fiscale partner, dan tellen jullie bezittingen samen en geldt een gezamenlijke vrijstelling van € 118.714. Je hoeft die niet gelijk te verdelen, want je vult samen één aangifte in en de vrijstelling wordt op het totaal toegepast.

Zit je met je totale box 3 vermogen onder die grens, dan betaal je geen vermogensbelasting. Kom je erboven, dan wordt alleen over het meerdere gerekend, niet over het hele bedrag. Dat is een misverstand dat ik vaak hoor: mensen denken dat ze bij één euro boven de grens ineens over alles belasting betalen. Dat is niet zo.

De bedragen worden jaarlijks vastgesteld en zijn de afgelopen jaren meerdere keren aangepast. Controleer daarom altijd het bedrag dat geldt voor het jaar waarover je aangifte doet, en houd er rekening mee dat fiscale regels kunnen veranderen.

Waarover wordt precies gerekend

Het heffingsvrij vermogen slaat op je bezittingen in box 3. Dat is smaller dan “alles wat je hebt”, en dat scheelt in de praktijk veel.

In box 3 vallen onder meer je spaargeld, je beleggingen, cryptovaluta, een tweede woning, verhuurd vastgoed, contant geld boven een kleine vrijstelling en geld dat je hebt uitgeleend aan anderen.

Wat er níét in valt is minstens zo belangrijk. De woning waarin je zelf woont zit in box 1, niet in box 3. Je opgebouwde pensioen telt niet mee, en ook een lijfrente die nog niet tot uitkering komt blijft buiten box 3. Heb je een eenmanszaak, dan valt je ondernemingsvermogen in box 1. Heb je een BV met een aanmerkelijk belang, dan zit dat in box 2.

Schulden mag je aftrekken van je bezittingen, maar pas boven een drempelbedrag dat elk jaar opnieuw wordt vastgesteld. Voor groene beleggingen bestaat daarnaast een aparte vrijstelling, al is die de laatste jaren fors verkleind.

Voor veel zelfstandigen betekent dit dat hun box 3 vermogen een stuk lager uitvalt dan het bedrag dat ze zelf als “hun vermogen” beschouwen.

Waarom de peildatum bepaalt wat je betaalt

Box 3 kijkt naar één moment: 1 januari van het belastingjaar. Wat er op die dag op je rekeningen staat, is bepalend. Wat er in juni gebeurt, doet er niet toe.

Dat heeft een praktisch gevolg. Als je in december een grote uitgave hebt gepland, bijvoorbeeld een verbouwing of het aflossen van een lening, dan staat dat geld op 1 januari niet meer op je rekening en telt het dus niet mee. Doe je diezelfde uitgave in februari, dan wel.

Belangrijk daarbij: geld tijdelijk wegzetten en direct na de jaarwisseling terughalen is een ander verhaal. Daar bestaan regels tegen die kunstmatig verschuiven rond de peildatum aanpakken. Een uitgave die je toch al ging doen, iets eerder plannen, is normale planning. Geld drie maanden parkeren om de peildatum te ontwijken, is dat niet.

De grens tussen die twee is niet altijd scherp, en de beoordeling hangt af van je specifieke situatie. Laat het bij twijfel voorleggen aan een fiscalist.

De grens is niet hetzelfde als “geen belasting”

Hier zit de denkfout die de meeste rust wegneemt bij mensen die het net niet doorhebben.

Onder de grens betaal je niets. Daarboven betaal je over het rendement dat de Belastingdienst veronderstelt dat je hebt gemaakt, niet over het vermogen zelf. Voor 2026 is dat veronderstelde rendement op spaargeld voorlopig vastgesteld op 1,28 procent, en op overige bezittingen zoals beleggingen op 6,00 procent. Over dat berekende rendement betaal je vervolgens 36 procent belasting.

Een voorbeeld maakt het concreter. Stel dat je alleenstaand bent en op 1 januari € 80.000 aan spaargeld hebt. Na aftrek van het heffingsvrij vermogen blijft er ruim € 20.000 over waarover gerekend wordt. Met een verondersteld rendement van 1,28 procent komt dat neer op een paar honderd euro aan verondersteld rendement, waarover je 36 procent betaalt. Het bedrag dat je uiteindelijk overmaakt, is dan een stuk kleiner dan mensen vooraf inschatten.

Voor beleggers pakt het anders uit, omdat het veronderstelde rendement op beleggingen veel hoger ligt. Twee mensen met exact hetzelfde vermogen kunnen daardoor een heel verschillende aanslag krijgen, puur op basis van hoe dat vermogen is verdeeld.

Wat je kunt doen als je erboven zit

De eerste vraag is niet hoe je onder de grens komt, maar of dat überhaupt het doel moet zijn.

Vermogen opbouwen betekent nu eenmaal dat je op enig moment boven het heffingsvrij vermogen uitkomt. Dat is geen probleem dat je moet oplossen, dat is het gevolg van iets dat goed gaat. De vraag is eerder of je vermogen op de plek staat waar het het meeste voor je doet.

Een aantal routes komt in de praktijk vaak terug. Storten op een lijfrente verplaatst geld van box 3 naar een fiscaal andere behandeling, met als keerzijde dat je er lang niet bij kunt. Extra aflossen op je hypotheek verlaagt je box 3 vermogen en verlaagt tegelijk je maandlasten. Schenken aan kinderen verplaatst vermogen naar de volgende generatie. En wie een BV heeft, heeft weer andere mogelijkheden.

Geen van deze routes is per definitie de juiste. Ze verruilen allemaal iets: flexibiliteit, rendement of zeggenschap. Welke keuze past, hangt af van je inkomen, je leeftijd, je horizon en wat je met dat geld wil. Belastingregels veranderen bovendien, en een keuze die dit jaar goed uitpakt kan over drie jaar anders liggen. Laat je daarom adviseren voordat je iets vastzet.

Tot slot

Hoeveel vermogen je belastingvrij mag hebben, is in 2026 een concreet bedrag: € 59.357 per persoon, of € 118.714 samen met een fiscale partner. Maar de belangrijkere vraag is niet waar de grens ligt, maar of je weet wat er boven die grens gebeurt met jouw geld.

Weet jij eigenlijk hoe jouw vermogen op dit moment over de boxen verdeeld staat?

Wil je dit niet zelf uitzoeken, maar samen met iemand doorlopen? Het Financieel Kompas is een traject van vier sessies waarin we jouw financiële situatie van A tot Z in kaart brengen.